Werken in de woonbranche is vaak lichamelijk zwaar. Ongeveer de helft van de werknemers in de woonbranche heeft daardoor een verhoogde kans op onder andere rug-, knie-, schouder- en nekklachten.
De belangrijkste risicogroepen zijn magazijnmedewerkers, woningstoffeerders, vloerenleggers, chauffeurs, meubelmonteurs en keuken- en badkamermonteurs. Uit onderzoek blijkt dat de lichamelijke belasting in de wonenbranche hoger is dan het gemiddelde van de totale Nederlandse beroepsbevolking.
Lichamelijke belasting is één van de aandachtsgebieden in de Arbocatalogus.
Wat is lichamelijke belasting?
Vermindering lichamelijke belasting
In veel gevallen kan de lichamelijke belasting van werknemers worden verminderd. In sommige gevallen kan men bijvoorbeeld hulpmiddelen gebruiken, in andere gevallen zullen leveranciers mee moeten werken.
Voorbeelden van maatregelen zijn: het aanbrengen van een gewichtsaanduiding op producten, het bevorderen van de aanschaf en het gebruik van ergonomische hulpmiddelen en het samenstellen van scholings- en voorlichtingsmateriaal.
Er is een tiltraining ontwikkeld door de Arbo-Commissie.
Er is een aantal praktische informatiebrochures ontwikkeld: