Wat zijn oplosmiddelen?
Oplosmiddelen zijn vluchtige (= makkelijk verdampende) stoffen waarin andere stoffen oplossen. Tolueen, benzeen, terpentine, xyleen, thinner, ether, aceton zijn voorbeelden van oplosmiddelen. Oplosmiddelen zitten onder andere in verven, lakken, lijmen etc. Oplosmiddelen komen bij gebruik op de werkplek vrij. De schadelijke dampen worden door de medewerkers ingeademd of via de huid in het lichaam opgenomen.
Waar staat OPS voor?
OPS staat voor Organisch Psycho Syndroom.
Kun je van oplosmiddelen ziek worden?
Oplosmiddelen hebben giftige (neurotoxische) eigenschappen. Eenmaal in het lichaam kunnen ze het zenuwstelsel beschadigen. De hersenen zijn het meest gevoelig voor oplosmiddelen. De klachten die mensen krijgen kunnen zich in verschillende gradaties voordoen. Klachten zijn bijvoorbeeld misselijkheid, maagpijn, hoofdpijn, duizeligheid, slaperigheid of hartkloppingen, slaapstoornissen, concentratiestoornissen, prikkelbaarheid, neerslachtigheid, vergeetachtigheid, je niet meer kunnen oriënteren, niet meer logisch kunnen denken en soms zelfs karakterveranderingen. Inmiddels zijn er in Nederland zo'n 2.500 ernstige OPS-slachtoffers.
Is vervanging van oplosmiddelen mogelijk?
De beste manier om aan preventie te doen is het vervangen van oplosmiddelen door alternatieve producten die minder schadelijk zijn. Oplosmiddelhoudende lakken kunnen vervangen worden door watergedragen lakken, oplosmiddelhoudende reinigers door oplosmiddelarme of plantaardige producten etc. Er zijn volgens de Arbeidsinspectie goede alternatieve op de markt beschikbaar (klik hier voor meer informatie).
Wat kunt u als werknemer doen?
Uiteraard bent u als werknemer verplicht om de veiligheidsvoorschriften in acht te nemen en eventueel persoonlijke beschermingsmiddelen te gebruiken. Vraag in ieder geval altijd bij je werkgever om het veiligheidsinformatieblad van de leverancier. Op het veiligheidsinformatieblad staan de risico's van een product vermeld en staat welke persoonlijke beschermingsmiddelen er moeten worden gebruikt. Let er ook op of de ventilatie op de werkplek en in andere werkruimtes voldoende zijn. En of er voldoende persoonlijke beschermingsmiddelen aanwezig zijn. Geef uw klachten over de arbeidsomstandigheden door aan de personeelsvertegenwoordiging (in bedrijven met minder dan 50 werknemers) of aan de Ondernemingsraad en meldt ze ook op het werkoverleg.
Wat is de taak van de werkgever?
De ziekte OPS is niet te genezen. Daarom is preventie van het grootste belang. Dit is op de eerste plaats de taak van de werkgever. Om te beginnen moet de werkgever de risico's van het werken met oplosmiddelen of met producten die oplosmiddelen bevatten, in beeld brengen. Dit moet hij doen in het kader van een algehele Risico-Inventarisatie & -Evaluatie (RI&E). Ook moeten er regelmatig (bijv. 1 keer per jaar) metingen gedaan worden naar de concentraties oplosmiddelen op de werkplek. Ten slotte moet de werkgever maatregelen treffen om de risico's te beperken of helemaal te voorkomen. Dat betekent bijvoorbeeld dat er goede ventilatie en afzuiging moet zijn. Daarnaast kan de werkgever, in samenwerking met de werknemer(s), de branchespecifieke Stoffenmanager raadplegen.
Worden de klachten van medewerkers over OPS serieus genomen?
Er is nog steeds veel onbekend over de risico's van oplosmiddelen en over de ziekte OPS. Vaak worden de klachten van werknemers niet serieus genomen of worden ze aan andere oorzaken geweten dan aan slechte arbeidsomstandigheden (bijvoorbeeld depressiviteit). Werknemers die klachten hebben doen er goed aan om contact op te nemen met de bedrijfsarts of huisarts. Meestal heeft de bedrijfsarts een eigen spreekuur. De bedrijfsarts of huisarts kan een werknemer voor nader onderzoek doorsturen naar één van de twee Solvent Teams in Nederland. De Solvent Teams zijn gespecialiseerd in het onderzoeken van klachten die door oplosmiddelen veroorzaakt worden. Na uitgebreid medisch onderzoek en onderzoek naar het arbeidsverleden wordt door een team van deskundigen beoordeeld of een werknemer OPS heeft.
Wie behoren tot de risicogroep voor de woonbranche?
Parketteurs, woningstoffeerders, keuken- en badkamerinstallateurs en meubelmakers en –monteurs.
Wat kan ik bespreken tijdens een werkoverleg?
Tijdens het werkoverleg kunnen de medewerkers actief meedenken en meebeslissen over werkzaken en ideeën of voorstellen aandragen. Er wordt gestructureerd gecommuniceerd en een ieders stem moet kunnen worden gehoord. Hierdoor zijn medewerkers beter geïnformeerd, waardoor er minder misverstanden ontstaan en er efficiënter gewerkt kan worden.
Is een werkoverleg noodzakelijk?
Het werkoverleg wordt als een vanzelfsprekend onderdeel van een goede bedrijfsvoering opgevat. In die zin is het werkoverleg noodzakelijk, maar het heeft geen verplicht karakter. Eind maart 2004 heeft staatssecretaris Rutte van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid voorgesteld om de verplichting tot het houden van een werkoverleg te schrappen, zodat daarmee de administratieve lasten voor bedrijven verder kunnen worden verminderd.
Zijn er (til)hulpmiddelen om de lichamelijke belasting van werknemers te verlichten?
Voor een overzicht van uiteenlopende (til)hulpmiddelen verwijzen wij u naar het overzicht over tilhulpmiddelen.
Hoe kan lichamelijke belasting worden verlicht?
Lichamelijke belasting kan worden verlicht door het gebruik van (til)hulpmiddelen te stimuleren. Dit betreft enerzijds een actie van de werkgevers om de werknemers op de hoogte brengen van het bestaan van goede (til)hulpmiddelen en daarin te investeren. Anderzijds moet de werknemer daadwerkelijk overgaan tot het gebruik van de aangeboden (til)hulpmiddelen.
Kan de lichamelijke belasting van werknemers worden verlicht?
Een volledig bevredigend antwoord op deze vraag is moeilijk te geven. Vanuit de opdracht van het convenant zal er worden gestreefd om bepaalde knelpunten m.b.t. lichamelijke belasting aan te pakken c.q. te verlichten. Daarnaast echter bestaan de hardnekkige knelpunten waarvoor oplossingen niet eenvoudig voorhanden zijn en waarin blijvend een beroep moet worden gedaan op de werknemers om hun gezondheid te eerbiedigen.
Wat kan een werkgever doen als een medewerker is uitgenodigd voor het spreekuur bij de Arbo-arts, maar niet is gegaan?
Het komt voor dat medewerkers zich spontaan beter melden na een oproep. Een werkgever kan zich wapenen door in uw verzuimreglement te zetten dat als iemand niet op het spreekuur verschijnt de kosten van dat spreekuur voor rekening van de medewerker komt. Als de medewerker zich niet beter heeft gemeld, ligt het in de reden om eerste de medewerker zelf te bellen waarom hij zich niet gemeld heeft. Als de werkgever het niet vertrouwd kunnen eventueel andere acties worden ondernemen tot en met het opschorten van het loon van de medewerker.
Twee Arbo-artsen zitten niet op één lijn. Wat kan een werkgever doen?
Werken blijft mensenwerk. Als het binnen een Arbo-dienst is kunt u de manager benaderen. Als het van verschillende Arbo-diensten/UWV kan dat te maken hebben met de “second opinion”. U hoeft het met die beslissing niet eens te zijn. U bepaalt wat u moet doen (= loon doorbetalen of niet). De rechter kan ingeschakeld worden en een oordeel vellen.
Een werkgever vindt dat de Arbo-dienst en de specialist/huisarts niet op een lijn zitten. Wat kan hieraan worden gedaan?
Dat ieder een eigen zienswijze heeft op hetzelfde geval kan kloppen. Dat heeft te maken met waarvoor er een Arbo-arts is. Die is er voor de werkgever. De Arbo-arts adviseert de werkgever of aan beide criteria voldaan wordt om de werkgever te laten beoordelen of hij aan zijn loondoorbetalingplicht moet voldoen. Iemand moet ziek zijn en op grond daarvan arbeidsongeschikt (artikel 7: 629BW). Voldoet iemand niet aan beide criteria dan bent u vrij om uw loondoorbetalingverplichting te stoppen. Als wel aan beide criteria voldaan wordt dan adviseert de Arbo-arts de werkgever over wat de medewerker nog wel kan.
Waaruit bestaat een goede EHBO-doos?
Een goede bedrijfshulpverlener (BHV) kan weinig uitrichten als hij niet beschikt over een goede EHBO-doos. Zorg er daarom voor dat u voldoende EHBO-dozen heeft staan die zijn goedgekeurd door het Oranje Kruis. Niet alleen moet u controleren of de juiste dozen op een goed bereikbare plek staan, u moet ook regelmatig de inhoud van de doos controleren. Vergeet niet de doos na gebruik aan te vullen! Dan komt de BHV-er niet voor vervelende verrassingen te staan; bovendien bent u wettelijk verplicht om goede EHBO-spullen te hebben.
Natuurlijk controleert u regelmatig de verplichte BHV-verbanddozen om te zien of die er nog goedgevuld uitzien, maar weet u nog waar u precies op moet letten? Een overzicht van de inhoud om uw geheugen op te frissen:
Houdbaarheid: met het doorlopen van bovenstaande lijst bent u er echter nog niet. Vergeet ook vooral de houdbaarheidsdata niet te controleren. U staat er misschien niet snel bij stil dat verbandproducten bederfelijk zijn, maar zeker bij steriele producten moet u hier wel degelijk op letten. Heeft u de vorige keer het dopje wel goed op de tube jodium gedraaid? Zo niet, dan kunt u hem beter snel vervangen. Op die manier heeft de BHV-er altijd goed materiaal.
Top-7 leveranciers van EHBO-dozen voor BHV.
Wat is een RI&E?
RI&E is de afkorting van Risico-Inventarisatie & –Evaluatie. Sinds dit begrip in de tekst van de Arbo-wetgeving is opgenomen, is het een steeds belangrijkere verplichting geworden voor bedrijven en organisaties. De RI&E is in de eerste plaats een document waarover een bedrijf met personeel moet beschikken. In het document wordt een overzicht en beoordeling gegeven van de risico’s van het werk voor de medewerkers van het bedrijf. Daarnaast wordt de term RI&E ook wel gebruikt voor het proces of de activiteiten die leiden tot een dergelijk document. RI&E staat dan voor het maken van een overzicht en beoordeling van de risico’s van het werk.
Hoe lang is de RI&E geldig?
Meestal is een getoetste RI&E 2 à 3 jaar geldig. De internet-RI&E op deze internetsite is dynamisch van opzet. Een werkgever kan er mee bezig blijven om risico’s te signaleren en op te lossen. Als er grote veranderingen zijn (bijvoorbeeld een verbouwing of na klachten door werknemers) dan voegt hij nieuwe risico’s toe en legt hij vast wanneer en door wie de risico’s zijn opgelost.
Moet een RI&E worden getoetst?
De sociale partners (werkgevers- en werknemersorganisaties) hebben de RI&E Wonen goedgekeurd. Hierdoor is deze erkend door het Arbo Platform Nederland. Deze erkenning biedt bedrijven voordelen.
Voor bedrijven met tien of minder medewerkers is de toets vervallen. Deze bedrijven dienen dan wel gebruik te maken van de (erkende) RI&E Wonen. Bedrijven met meer dan tien medewerkers moeten de RI&E wel laten toetsen.
Het CBW Verzuimloket heeft tarieven opgesteld voor bedrijven met maximaal 25 medewerkers en maakt een prijs op offertebasis op voor bedrijven groter dan 25 medewerkers of filiaalbedrijven.
Moeten alle bij de RI&E geconstateerde “gebreken” direct worden aangepakt?
Nee, dat hangt af van welke prioriteit zaken hebben. Sommige zaken moeten meteen zeker als ze geen uitstel kunnen dulden (levensgevaarlijke situaties). Sommige zaken moeten redelijkerwijs haalbaar zijn. Dat kan duren (financiële investeringen, geen accuut gevaar etc.). De werkgever dient een plan op te stellen waarin staat welke zaken wanneer en door wie geregeld moeten zijn.
Moet er per filiaal een RI&E worden ingevuld?
Ja, de internet-RI&E biedt die mogelijkheid en het is wel zo handig. Per filiaal kunnen immers de feitelijke risico’s verschillen. De toetsing geschiedt op het bedrijfsniveau.